Een bloedafnamenaald voor het afnemen van een bloedmonster tijdens een medisch onderzoek bestaat uit een naald en een naaldhouder. De naald is bevestigd aan de naaldhouder en een huls is daarop verschuifbaar. Tussen de huls en de naaldhouder bevindt zich een terugveer. De huls bevindt zich aanvankelijk tussen de naald en de naaldhouder. Wanneer de gebruiker de naald vasthoudt en de naald tegen het ledemaat van de patiënt drukt, trekt de huls zich door de elastische druk van de huid terug. Hierdoor komt de naald naar binnen en dringt de huid binnen, wat een minimaal invasieve procedure oplevert. Na het verwijderen van de bloedafnamenaald keert de huls terug in de terugslag van de terugveer, waardoor de naald wordt afgedekt en besmetting of onbedoelde punctie wordt voorkomen. Bij het verwijderen van de bloedafnamenaald neemt de ruimte tussen de naald en de huid geleidelijk toe, waardoor een onmiddellijke onderdruk ontstaat. Dit is gunstig voor het afnemen van bloedmonsters.
Geplaatst op: 24 juli 2018
